Gemeenteraadsbesluiten inzake aanvullende personenbelasting: opgelet ...

Ten gevolgde van de 6de staatshervorming wijzigt de berekeningsbasis en past men dus best zijn besluit aan in die zin dat men in deze best de verwoording gebruikt zoals in het ontwerpmodel van ABB. De gemeentelijke aanvullende personenbelasting wordt enkel geheven op de totale belasting (federale personenbelasting EN gewestelijke opcentiemen samen) gelet op artikel 466 WIB92. Een belastingreglement waarin verwezen wordt naar ‘een aanvullende belasting op het gedeelte van de personenbelasting die aan het rijk verschuldigd is’ zoals tot 2015 het geval was, zou in theorie enkel gaan over het federale gedeelte. In principe geldt dit zelfs reeds voor het huidige aanslagjaar. De wijziging aan artikel 466 WIB92 n.a.v. de zesde staatshervorming is reeds van toepassing vanaf aanslagjaar 2015

Geplaatst door Communicatie Vlofin in Nieuws op 18-11-2015 om 14u42 onder financieel beheer

Reacties (1)

  1. Ik was even in de war en vroeg aan toezicht of ik het reglement dat bij ons gestemd was voor 2014-2019 nu best liet herstemmen of niet en dit was het antwoord:
    de nieuwe formulering is aangewezen voor nieuwe belastingreglementen omdat dat onduidelijkheden wegneemt, maar besturen hoeven zich niet verplicht te voelen om louter omwille van de gewijzigde bewoordingen een nieuw reglement aan te nemen. (Artikel 466 WIB wijzigt enkel de berekeningswijze van de aanvullende gemeentebelasting. De bevoegdheid van de gemeenten bestaat enkel in het vaststellen van het %. Er wordt aan de gemeenten niet de mogelijkheid gelaten om enkel een aanvullende gemeentebelasting op het stukje van de federale overheid te heffen. Artikel 466 stelt duidelijk “ de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting en de aanvullende agglomeratiebelasting op de personenbelasting worden berekend op de totale belasting “.)

    door Marleen Durwael op 30/11/2015 13:11

Een reactie toevoegen:

Log in om een reactie te plaatsen, of klik hier om u te registreren!