Procedure lokale belastingen wordt aangepast

De Vlaamse regering heeft vorige week een aanpassing van het Decreet van 30 mei 2008 over de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen principieel goedgekeurd. Hierbij gaat het om een actualisering en modernisering van het decreet, zonder fundamentele nieuwigheden.  Er wordt momenteel nog geen datum van inwerkingtreding van de wijzigingen vooropgesteld.

Hierbij een overzicht van de beoogde wijzigingen:

  • Terminologisch wordt het begrip “financiële ambtenaar” toegevoegd, ter aanduiding van de financieel beheerder bij de provincie en de financieel directeur bij de gemeente. Verder wordt eenvormig het begrip “belastingreglement” gebruikt, in plaats van “belastingverordening”.
  • Er wordt een regeling uitgewerkt betreffende de verzending van aanmaningen tot betaling. De eerste aanmaning is kosteloos en wordt verzonden per gewone zending. Voor de volgende aanmaningen mag het bestuur verzendingskosten aanrekenen.
  • De Vlaamse regering voorziet in de mogelijkheid om fiscale berichten (aanslagbiljetten, kennisgeving aanslag van ambtswege, edm.) voortaan via elektronische weg aan te bieden aan de belastingplichtige. Wanneer aanslagbiljetten elektronisch worden ter beschikking gesteld, zal dit een invloed hebben op de berekening van de termijnen. Meer bepaald wordt het elektronische aanslagbiljet geacht te zijn ontvangen op het tijdstip waarop het aanslagbiljet toegankelijk wordt voor de belastingplichtige. Via de post verzonden aanslagbiljetten worden nog steeds pas geacht te zijn ontvangen de derde werkdag volgend op de verzending. De voorwaarden van het Bestuursdecreet zullen dienaangaande van toepassing zijn. Hoe dit zich in de toekomst zal verhouden tot het nieuwe Hoofdstuk 1/1 (Titel VII) WIB 1992 is nog de vraag. Zal dit hoofdstuk ook van toepassing zijn in lokale belastingen? Daarvoor zal de verwijzingsbepaling (artikel 11 van het Decreet van 30 mei 2008) moeten worden aangepast.
  • Voortaan volstaat het tevens om op het aanslagbiljet de vindplaats van het reglement op de web toepassing van het lokale bestuur mee te delen. Het is niet langer nodig om een kopie of een samenvatting van het toepasselijke reglement als bijlage toe te voegen dan wel op het aanslagbiljet te vermelden.
  • Bovendien creëert de Vlaamse regering de mogelijkheid om, op basis van de gegevens waarover het lokaal bestuur beschikt, een “voorstel van aangifte aan de belastingplichtige” voor te leggen. Indien de belastingplichtige geen opmerkingen maakt, zal het voorstel als regelmatige aangifte gelden. Het belastingreglement zal ook moeten voorzien in een uiterste aangiftedatum.
  • De Vlaamse regering sluit de discussie omtrent de vraag of een ambtshalve aanslag al dan niet verplicht is wanneer geen aangifte wordt ingediend of wanneer ze laattijdig wordt ingediend. De nieuwe tekst verduidelijkt dat een ambtshalve aanslag niet verplicht is, tenzij de gemeente niet over een correcte aangifte beschikt. De besturen zullen zich dus in veel situaties de formaliteiten van de ambtshalve aanslag kunnen besparen.
  • De belastingverhoging (enkel mogelijk bij een ambtshalve gevestigde aanslag), zal eveneens moeten worden gemotiveerd in de kennisgeving aanslag van ambtswege. Een belangrijke wijziging is dat een verzoek tot kwijtschelding of vermindering van de belastingverhoging zal kunnen worden ingediend bij het College of de Deputatie overeenkomstig het Regentsbesluit van 18 maart 1831.
  • De administratieve boete die kan worden opgelegd voor overtredingen op de bepalingen van het Decreet of het belastingreglement ondergaat een aantal wijzigingen. Naast de indexatie van het bedrag van de boete, is een opvallende wijziging dat de boete enkel nog kan worden opgelegd aan de belastingplichtige. De boete moet namelijk samen met de belasting worden ingekohierd. De huidige tekst van het Decreet laat toe om de boete ook op te leggen bij een derde (indien b.v. niet wordt geantwoord op een vraag om inlichtingen). Deze mogelijkheid wordt geschrapt omdat, volgens de memorie van toelichting, een strafmaatregel niet (autonoom) kan verpakt worden als een belasting. De lokale overheden zullen moeten terugvallen op de dwangsom (artikel 381 WIB 1992) of de buitencontractuele aansprakelijkheid, indien met een onderzoeksmaatregel lastens een derde wil afdwingen.
  • Het voorontwerp faciliteert ook een billijke en pragmatische houding van de gemeente door het invoeren van de mogelijkheid om administratieve sancties kwijt te schelden of te verminderen. Artikel 9 van het Organiek Regentsbesluit van 18 maart 1831 wordt van toepassing op de lokale besturen.
  • De recente hogere inflatiecijfers hebben de Vlaamse regering doen inzien dat administratieve boetes beter worden geïndexeerd.
  • Voor wat betreft onderzoek en controle zal niet enkel meer het personeel van de gemeente bevoegd zijn, doch ook het personeel van het OCMW dat met toepassing van 196, §2 van het Decreet over het Lokaal Bestuur, prestaties verricht voor de gemeente.
  • Tot slot nog een voor de praktijk belangrijke maatregel: de herinvoering van de meldingsplicht voor notarissen bij de financieel directeur waar het onroerend goed is gelegen. De huidige regeling verplicht immers enkel een notificatie aan de financieel directeur van de woonplaats van de belastingplichtige. Hierdoor vissen besturen met openstaande fiscale vorderingen, die betrekking hebben op onroerende goederen gelegen op hun grondgebied, maar waarvan de eigenaar-verkoper elders woont, al te vaak achter het net.
 
Geplaatst door Stefan TACK in Nieuws op 17-11-2023 om 17u39 onder Algemeen nieuws

Reacties (0)

Een reactie toevoegen:

Log in om een reactie te plaatsen, of klik hier om u te registreren!