Gemeentebelastingen doorgelicht - Belasting op leegstand - Belasting op tweede verblijven - Belasting op toeristische verblijfsplaatsen

Planning

18/05/2021 10:00 — 18/05/2021 12:30

Beschrijving

Belasting op leegstand

De meeste lokale besturen beschikken over een belasting op leegstand. Over dit reglement zijn er vaak veel vragen en opmerkingen.

Vooreerst moet aandacht worden geschonken aan het feit of de inventarisatie en de belasting in hetzelfde dan wel in een afzonderlijk reglement wordt geregeld.

De regelgeving inzake leegstand is de voorbije jaren grondig gewijzigd, hetgeen onder meer van belang is voor de juiste definitie van bepaalde begrippen.

De lokale besturen dienen nu zelf te beslissen of er andere functies in een woning naast de woonfunctie zijn toegelaten om de ‘leegstand’ te vermijden en, zo ja, welke andere activiteiten correct gebruik zijn van een woning. Een lokaal bestuur zal dus moeten kiezen tussen een ruime dan wel strikte interpretatie van de toegelaten activiteiten. Mits grondige motivering kan zij er ook voor kiezen om slechts enkele welbepaalde gebruiken toe te laten.

Verder zorgt de vaststelling van leegstand ook voor praktische vragen. De vaststelling is steeds een feitenkwestie waarbij de werkelijke toestand in geval van betwisting zal primeren.

Ook de schrapping zorgt soms voor praktische problemen: bv. Wat zijn de gevolgen van retroactieve schrapping op de vestiging van de aanslag? Wat als het verdwijnen van het pand de oorzaak is van de schrapping?

Er moet ook aandacht worden besteed aan de grondige motivering van vrijstellingen. De vraag wordt ook gesteld of een schorsing (i.p.v. een vrijstelling) van de belasting kan worden verleend. Een andere vraag die vaak rijst is hoe het begrip overmacht moet worden ingevuld.

Wat tenslotte de geschillenfase betreft, zorgt het onderscheid tussen de registratie en de belasting nog voor onduidelijkheid. Zo zal het lokaal bestuur erover moeten waken dat in een beroepsprocedure wordt voorzien om bij elke heffing de juistheid van de inventarisatie te betwisten, hetgeen valt te vermijden.

  

Belasting op tweede verblijven

Bij een belasting op tweede verblijven moet aandacht worden geschonken aan de samenhang tussen het doel en de inhoud van het reglement. Zo bestaan er onder dezelfde benaming “belasting op tweede verblijven” diverse concepten met uiteenlopende doelstellingen. Initieel betreft een het zogenaamde ‘weeldebelasting’, bedoeld om een bijdrage te vragen van wie naast een hoofdverblijfplaats/domicilie nog kan gebruik maken van een tweede verblijfsmogelijkheid, hoe klein of bescheiden ook. Naderhand is het idee ontstaan van een belasting als compensatie van de minderontvangsten in de aanvullende belasting op de personenbelasting. Het is van belang om het doel goed te motiveren. Deze doelstelling is ook van belang voor de invulling van de belastbare materie, belastingplichtigen, vrijstellingen, …

Er ontstaat een spanningsveld met de belasting op leegstaande woningen en gebouwen gezien het volgens vele definities van een tweede verblijf volstaat dat de belastingplichtige over het tweede verblijf kan beschikken of kan gebruikmaken, zonder dat effectief gebruik wordt vereist. Door bijkomende voorwaarden te koppelen aan een reglement op tweede verblijven kan worden vermeden dat eigenaars van leegstaande woningen en gebouwen zouden kiezen voor de voordelige belasting op tweede verblijven. Er moet verder ook aandacht worden geschonken aan hoe gevallen van domiciliefraude kunnen worden bestreden.

Verder rijzen er ook vragen wie er moet worden belast in geval van vruchtgebruik of mede-eigendom. Er moet ook worden nagegaan hoe het eigendomsrecht verdeeld is om de belasting vervolgens correct te kunnen inkohieren. Het lokaal bestuur beschikt hierbij over enkele instrumenten om dit te kunnen verwezenlijken. Voorts rijst ook de vraag of de eigen inwoners kunnen worden vrijgesteld van de belasting op tweede verblijven.

 

Belasting op het verstrekken van toeristische logies

  • Welke motivering wordt gegeven voor deze belasting?
  • Begrippen: Wat wordt verstaan onder de begrippen ‘toerist’, ‘toeristische logies’, ‘aanbieden op de toeristische markt’, ‘exploitant’, ‘tussenpersoon’, …?
  • Moeten de gehanteerde begrippen worden afgestemd op het Decreet van 5 februari 2016 houdende toeristische logies?
  • Wie is belastingplichtige?
  • Hoe kan tarief en de berekenings- en heffingsgrondslag worden vastgesteld? Is tariefdifferentiatie mogelijk en opportuun? Is het relevant of de concrete overnachting betalend is? Mag het tarief worden bepaald op basis van de prijs per logies en de bezettingsgraad van de logies? Kan het tarief worden bepaald aan de hand van de bedden die worden aangeboden?
  • Kan deze belasting worden gecumuleerd met de belasting op tweede verblijven? Belasting op openluchtrecreatieve verblijven?
  • Welke vrijstellingen zijn mogelijk? Hoe moeten deze vrijstellingen worden gemotiveerd?
  • Is een vrijstelling van de belasting op economische bedrijvigheden aangewezen?
  • Kan een vrijstelling worden toegestaan omwille van bijzondere omstandigheden, bv. coronacrisis?
  • Procedure:
    • Enkele aandachtspunten in het kader van de register- en aangifteplicht;
    • Hoe kunnen Airbnb’s worden opgespoord en aangeschreven? Moet in geval van Airbnb het register worden bijgehouden op een vooraf afgesproken locatie?
    • Geldt het maximumbedrag van 500 EUR aan administratieve boete per overtreding of geldt dit voor het cumul van boetes? Kan dit worden gecombineerd met een belastingverhoging in het kader van een ambtshalve aanslag?
  • Voorstel van model
  • Recente rechtspraak

 

Meer info vind je hier.